Duurzaamheid in de Schoonmaakbranche

Ik stel mijzelf vaak de vraag, is duurzaam ondernemen als schoonmaakbedrijf alleen maar gebaseerd op de volgende activiteiten?

  • Gebruik van microvezeldoekjes om het gebruik van middelen terug te dringen;
  • Het toepassen van de juiste doseringen om het gebruik aan middelen in te verminderen;
  • Het scheiden van afval om de diverse afvalstromen te beheersen maar ook te verminderen;
  • Het gebruik van biologisch afbreekbare schoonmaakmiddelen;
  • Zo min mogelijk verpakkingen;
  • In bezit zijn van het ISO 14001-certificaat.

Ongetwijfeld zijn dit mooie initiatieven en quick-wins voor de schoonmaakbranche om de wereld weer een stukje beter en schoner te maken. Maar, het gaat ook om te investeren in een duurzame schoonmaak in kantoren, scholen en in de zorgsector. Er is veel meer op dit – vaak nog onontgonnen – gebied te bereiken.

Ik pleit voor een duurzamere relatie tussen schoonmaakleverancier en opdrachtgever waarin wordt uitgegaan van een langere contractduur.

In deze samenwerking zijn de volgende aspecten essentieel:

  • Meer investeren in medewerkers m.b.t. coaching, opleiding en begeleiding; laat de medewerkers groeien bij de opdrachtgevers tot ware vakspecialisten en geef ze daarin de ruimte en tijd;
  • Investering in coaching en begeleiding van mensen met een achterstand tot de arbeidsmarkt; sociale en maatschappelijke betrokkenheid is erg belangrijk.
  • Investeren in innovatie met de juiste materialen, machines en middelen;
  • Van elkaar kunnen leren en daardoor het beste van elkaar naar boven halen in elkaars vakgebied zowel bij klant en leverancier;
  • Waarom elk jaar of om de twee jaar weer een nieuw schoonmaakbedrijf als alleen de prijs een rol speelt en de kwaliteitsaspect hetzelfde blijft of zelfs hoger wordt ingezet tijdens de onderhandelingen (dus meer doen voor minder geld);
  • Medewerkers voelen zich bij dagschoonmaak meer betrokken bij de opdrachtgevers en gebruikers. Dit leidt vaak tot een betere kwaliteit, meer verbondenheid en minder wisseling van schoonmaakmedewerkers;
  • Door het directe contact van medewerkers en schoonmaakmedewerkers kan het schoonmaakwerk beter op het primaire proces worden afgestemd;
  • Door dagschoonmaak behoeven gebouwen ’s avonds niet langer open te blijven waardoor op energie (licht en klimaat) en beveiliging kan worden bespaard.

Hiermee voorzie ik meer commitment als leverancier aan  klanten met als uitgangspunten: kwalitatief schonere gebouwen, blije klanten én gebruikers maar ook medewerkers die meer tevreden zullen zijn en zich aan je blijven binden. Dat zijn of worden toch de ambassadeurs voor je onderneming. De bekende Code Verantwoord Marktgedrag en Social Return spelen hierin een belangrijke rol.

Zo creëer je een duurzame win-winsituatie voor de langere termijn. Helaas is dit nog te vaak een utopie in schoonmaakland, maar ik zie in de praktijk tijdens de MVO-Keurmerkinspecties  – mooie stappen vooruit op kleinschalig niveau  – dat het juist wel kan. De branche heeft hier behoefte aan juist i.v.m. de vergrijzing van de medewerkers en de noodzaak aan vakkundig en gemotiveerd personeel. Want die zijn schaars aan het worden.

Marcel de Jong

Hoofdinspecteur MVO-Keurmerk